59
 
Berenkoud

Ondermaats gekrompen


Einde januari en het vriest nog steeds de keien uit de grond. Even is het kwik boven de nul gestegen maar hup, daar zakt het weer. Tientallen jaren geleden dat het nog eens zo'n koude winter geweest is. Bijna hadden we een witte kerst. Komt allemaal door de opwarming van de aarde. Juist ja, beetje universiteit doen, jezelf tot wetenschapper benoemen en ons dan komen vertellen dat onze auto het milieu verkracht. Wat weten zij daar nu van ? Eerst werd God gebruikt als een stok om ons af te rammelen, hebben we dan eeuwen voor nodig gehad om het juk van die boosdoener van ons af te werpen. Vervolgens de sociale zekerheid die ons de strop om de hals bezorgt waardoor we allemaal verzuren en onze centjes wegvloeien naar het buitenland. Dan de veiligheid die een nieuw stokpaartje was, kost ons klauwen met geld maar steeds verongelukken er meer mensen. Nu, het nieuwste verzinsel van de 21ste eeuw, het milieu. Ze beloven ons appelsienenbomen en costa del sol in de winter en het zijn stalagmieten en tieten.

Een klant is een klant en die wil dat er gewerkt wordt. Zonder klanten geen inkomen en zonder inkomen geen beeldjesmakerij. Daar sta ik dan in de vrieskou muren te slopen. Mag ik ook eens een keertje pisnijdig zijn ja ? Metsen gaat niet, want de hele flurkenzooi is vastgevroren, maar afbreken wel. Klant tevreden, er gebeurt iets op de werf. Zou liever met een fijn vrouwke in mijn armen in ons warme bed liggen nu. Als er een sneeuwtapijt ligt heb ik een geldig excuus maar dat kan niet weken blijven duren natuurlijk. Eens moet je terug uit je bed en de kou trotseren. Mijn hele leven werk ik al buiten en weet een beetje hoe mij tegen de kou te wapenen. Veel lagen kleding is het beste. Uitgezonderd als je dringend effe moet en ik moet zo nodig effe dringend.

In sneltempo begeef ik mij naar de tuin. De tuin is gescheiden met een haag van de buur. Ik kom net met mijn hoofd boven de begroeiing uit en kan in de andere tuin kijken. Rits, werkbroek open en maar zoeken. Onderbroek, lange onderbroek, twee hemden en een onderlijfje, dat steekt allemaal in mijn broek. Al die kleding zit er voor en in de weg en haal hem daar maar eens tussenuit. Bovendien is hij door de kou ondermaats gekrompen. Zenuwachtig sta ik daar vloekend te friemelen. De inwendige druk is erg hoog en ik vind hem maar niet, dadelijk loopt alles erin in plaats van eruit. Ja goed, ik ben niet geschapen als die tarzans op internet maar tot dusver heb ik nog nooit klachten gehad van een vrouwke tijdens mijn leven. Dus gewoon normaal, uitgezonderd als het koud is, dan kruipt die ook liever warm binnen. De moed opgegeven hem te vinden doe ik de riem los en open mijn broek, haal al die kleding weg en hoera, daar is hij. Wat een bevrijding, de spanning verdwijnt uit mijn onderbuik. Opgelucht ontspan ik mij en kijk voor me uit over de haag. Recht in de ogen van de buurvrouw die blijkbaar mijn hele operatie "slurf vinden" gevolgd heeft. Waar komt die nu plots vandaan ? Als de grond niet bevroren was zou ik uit diepe schaamte erin gezakt zijn.

"Hou hem omhoog jongen, alles loopt eruit."

"Dat is wel een beetje de bedoeling ja."


Dit verhaaltje is maal gelezen.


Download : 59 Berenkoud.pdf